Jefke en de Bollebozen – Goede vooruitzichten
De winter was nog volop bezig.
In het Vogtland lag de kou stevig in de lucht en viel er regelmatig verse sneeuw. Van de lente was nog niets te merken.
Jefke lag op het erf en keek richting de weg.
Naast hem scharrelden de bollebozen — de blaugraue Vögtländer kippen — dicht bij elkaar rond het huis.
Het huis stond er rustig bij, zoals altijd.
Al veel gasten waren hier geweest. Ze hadden gewandeld door sneeuw en bos, zich opgewarmd bij de kachel en genoten van de stilte en de natuur.
Maar Jefke wist ook: er was nog plek.
Pasen, Pinksteren en Hemelvaart, dacht hij.
Dat zijn mooie dagen. Daar kunnen nog mensen bij.
Hij ging rechtop zitten, alert en trots.
Als iemand reclame kon maken voor deze plek, dan was hij het wel.
De bollebozen kwamen dichterbij.
"Moeten wij ook iets doen?" kakelden ze nieuwsgierig.
"Zeker," zei Jefke.
"Wij laten zien hoe fijn het hier is — ook midden in de winter."
Op dat moment kwam het baasje naar buiten.
Hij keek naar het huis, het erf en de dieren, en glimlachte tevreden.
Alles was klaar voor nieuwe gasten.
Rust, ruimte en natuur — precies zoals het nu is.
Jefke kwispelde zachtjes.
Wie even wilde ontsnappen aan de drukte,
was hier precies op de juiste plek.

